Ook vanuit logistiek perspectief bezien was de zomer heet. Transporteurs beleefden emotionele tijden. En dan heb ik het niet over bruggen die niet omhoog of omlaag konden, waterloze vaarwegen, onverhoedse wegomleggingen en andere infrastructurele pestilenties. Nee, dan doel ik natuurlijk op die geheimzinnigdoenerij rond de overbrenging van sommige goederen. Opeens moest alles van waarde in het diepste geheim worden vervoerd.
In weerwil van de inspanning die ketenmanagers zich hebben getroost een transportsysteem te ontwerpen waardoor het volgen en achterhalen van een pakket, product of voertuig een koud kunstje werd, mogen we van sommige items ineens niet meer weten waar ze naartoe gaan, waar ze zich bevinden en hoe ze worden vervoerd. Sluiptransporten. Ketenmanagement als obscuur métier. Wat was er aan de hand?
Ging het om paparazzischuwe royaltyroutes? Of betrof het ernstiger zaken waarover de boven ons gestelden hadden geoordeeld dat het beter was dat wij er onkundig van bleven. Wat waren dat voor bekokstovende activiteiten die het daglicht niet kon velen? Was hier soms een complot in de maak?
Het bleek te gaan om een lange lap linnen met historische taferelen van duizendjaar oude geleden die van Frankrijk naar Groot-Brittannië moest worden verplaatst. De Fransen noemen het een ‘tapijt’ maar het is een wandkleed met een reeks geborduurde snapshots, een leporello van 70 meter lang. Erop is te zien hoe het gekuip van een Normandische hertog resulteerde in het koningschap van Engeland Na een geslaagde, omgekeerde, D-Day zou hij als Willem de Veroveraar de geschiedenis in gaan.
Het verhaal gaat dat Mathilda, de Vlaamse echtgenote van de veroveraar, met acht kleuren wol in de weer is geweest om de geborduurde kroniek de flair te geven die het ongetwijfeld heeft. Over de toegewijde huisvlijt van de hertogin, latere koningin, is later twijfel gezaaid. Wellicht vanwege de paarden met groene benen, blauwe lijven, gele manen en rode hoofden. Wat niet wegneemt dat historici deze annalen van het jaar 1066 als behoorlijk waarheidsgetrouw hebben bestempeld.
De overbrenging van het ‘stripverhaal’ was een geste van de Franse regering aan het Britse volk. Bij de officiële opening van de expositie die een jaar lang geopend zal blijven, kon de Franse president het niet laten om, ten overstaan van de Britse koning, erop te wijzen dat wat Napoleon niet voor elkaar had gekregen, de Fransen een millennium eerder al wel was gelukt. Het plagerijtje werd ontvangen met beleefde lachjes en beschaafd meesmuilen.
De verhuizing naar het British Museum in een klimaat gereguleerde kist ging gepaard met een beveiligingsoperatie die doorgaans alleen regeringsleiders op staatsbezoek ten deel valt. Pas na voltooiing van de verzending van het lijnwaad werd de buitenwereld ervan kond gedaan. Exceptioneel stiltetransport. Geacheveerd tot en met. Vroeg me toch af wat er van verovering van William of Willem terecht zou zijn gekomen als hij toen de hele operatie met dezelfde secretie had omgeven. Was er dan ook zo’n triomfaal kleed geborduurd?
De verplaatsing van 86 ton goud door de Nederlandse Bank ging eveneens op muizenvoetjes. Een half jaar geleden hoorde je er nog niemand over maar opeens moest het. Ruim 10 miljard euro van ‘ons’ goud werd weggehaald uit de VS en Canada. De zuiverste veertien procent van de goudvoorraad werd gestald in kluizen in Londen. Klaar voor eventuele verkoop. Van de circa 612,5 ton in totaal ging ook een deel naar het BNB Cashcentrum te Zeist. De repatriëringen van edelmetaal lijken te wijzen op een goudkoortsepidemietje waarmee de centrale bankiers in de wereld kortelings werden bevangen. Ze willen het goud liever onder handbereik hebben. Om zo beter bestand te zijn tegen geopolitieke strapatsen.
Desalniettemin werden geruststellende beelden van het waardentransport, voorafgegaan door een colonne gepantserde auto’s en omzwermd door cavalcades motoragenten, waarmee de ‘Nederlands goudschat’ naar de kluis van de Nederlandse Bank werd vervoerd, ons onthouden. Dat het allemaal zo in ’t geniep moest, was vanwege de veiligheid, verklaarde de Nederlandse Bank. Er ter verdediging aan toevoegend dat een deel van de goudstaven niet fysiek zijn verscheept maar slechts administratief. Dat goud werd aan de andere kant van de oceaan verkocht en in Londen opnieuw aangekocht. Transactioneel, zo veilig als de bank, borstkloppen ze daar. Kan zijn maar door dat achterbakse gesol verliest het imago van het transportwezen tegelijk iets van zijn glans.
Door al die geheimzinnigdoenerij ontstond er van de weeromstuit een fluistercampagne rond ons dierbaarste seizoenfenomeen. Iets dat juist wél met de uiterste discretie dient te worden omgeven. U weet wel, de man van wie we niets weten en tegelijk telkenjare weer de mond vol hebben. Een mysterieuze bisschop wiens claim op faam, gestoeld op waargebeurde feiten en een historisch personage, reeds eeuwen standhoudt, welig tierend op een substraat van mythen, legenden en hymnen. Ik heb het natuurlijk over Sint-Nicolaas!
Zodra de pepernotenradar eind augustus de eerste geuren heeft gedetecteerd, beginnen de harten volverwachting te kloppen. Anders dan het wierookaroma waaraan gewone bisschoppen gewoonlijk worden herkend, ruikt Sinterklaas naar speculaas. Over de persoon zelf zegt dat overigens weinig. Afgaande op zijn presentie kan hij net zo goed een banketbakker in ruste zijn als een trendy instore verkoper die zijn fijngewreven groene thee mengt met kaneel en kardemom om smadelijk commentaar op het grasachtige bouquet in de kiem te smoren. Het enige wat mij aan deze goedheiligman stoort, zijn de ‘hallootjes’ die hij bij aankomst bezigt. Hiermee blijk gevend van een betreurenswaardige eloquente indolentie en liturgisch beslist ondermaats.
Hoe dan ook, de Buzz die nu rondwaart, is dat de oude prelaat zijn staf en mijter aan de wilgen heeft gehangen, en dat er reeds een officiële plaatsbekleder warmloopt. De vraag wie er straks op de deur klopt, schijnt bij televisiemakers weliswaar grote opwinding te veroorzaken. Maar, laten we eerlijk zijn, kinderen boeit dat geen zier.
Voor hen is Sinterklaas niets anders dan de vleesgeworden bevoorradingsketen, eindigend in hun schoen.
Het enige positieve aan de, kunstmatig opgerakelde, dynastieke perikelen is dat Sinterklaas weer helemaal en vogue is. Wat in het geruchtencircuit rond zoemt is dat de commerciëlen van plan zouden zijn op hun televisiezenders ‘iets met sinterklaas’ te gaan doen. Meer Sinterklazen. Een heilloos voornemen met boosaardige blasfemische trekjes.
Monopolies zijn er om doorbroken te worden. Dat is waar. Maar niet die van Het Sinterklaas Journaal. In tegenstelling tot de journalistieke wet dat één bron geen bron is, vormt de nieuwsgaring van het Jeugdjournaal hierop een gebenedijde uitzondering. Waarom? Omdat de verschijningsvorm Sinterklaas gebaat is bij herkenbaarheid, eenduidigheid en eenvormigheid. Geen gehannes met hulp – sinterklazen. De, zorgvuldig gedurende eeuwen opgebouwde, goedmoedige sereniteit van de kerkvorst mag niet verstoord worden door verkeerde baardkeuze, foute grime en ketterse vrijheden met de episcopale couture.
Het betreft immers geen kinderachtig complot dat niet volledig serieus hoeft te worden genomen. Integendeel, het gaat om een zeer serieus te nemen afspraak tussen ouders en detailhandel. Een charade die vaders en moeders en opa’s en oma’s in staat stelt om zonder goede pedagogische redenen kinderen te overstelpen met cadeautjes.
Dit ‘sacrale beloonmodel’ – wat de ‘Beste Sint’ overigens geen cent kost – dienen we in ere te houden, stilzwijgend uit te voeren en niet in gevaar te brengen door op verschillende tv-zenders een keur aan, meer of minder gelukte, prelaten de revue te laten passeren. Sint-Nicolaas is geen Gemaskerde Zanger. We moeten niet willen weten wie er onder die rode tabberd en witte albe schuilgaat. Niet mee bemoeien. Houden zo! De schutspatroon van logistieke dienstverleners is gebaat bij de gratie van strikte geheimhouding. Het enige dat de goegemeente voor de uitvoering van een soepel logistiek proces hoeft te weten is dat Klaas komt.
Casper Jansen