Benieuwd hoe het verder gaat, daar, met dat voetballen. Op de Amerikaanse TV vertelde een sportverslaggever over een sport die ‘foeutbal’ werd genoemd. Op een manier alsof hij het had over een folkloristische vrijetijdspassering. Beetje vreemd: een balletje verplaatsen, met beide benen, zonder handen te gebruiken. Voetjesbal. Hij rolde nog net niet met z’n ogen. Tijd om de rol van de FIFA, als bewaker van cultureel erfgoed, uit te diepen, was er niet want het volgende item diende zich alweer aan. Er gebeurde nog genoeg ander verbazingwekkends in de wereld. Veel wijzer zullen de Amerikanen ook niet worden, vrees ik, want bij dit wereldkampioenschap gaat het over veel meer dan alleen de sport zelf, zo lijkt het.
Supporters, teamofficials, scheidsrechters mogen niet zomaar de Verenigde Staten in. Fotografen worden verhoord en topschutters gefouilleerd terwijl het ongezien binnensmokkelen van een wedstrijdbal toch tot de fysieke onmogelijkheden moet worden gerekend. Kennelijk is er veel verdachts aan een sport die door veel Amerikanen niet top wordt gevonden.
Het mag dan ook een wonder heten dat onze oranje dubbeldekker zonder noemenswaardige incidenten door de douane is gekomen. ‘Het is een automobiel’ zullen de grensbewakers hebben gedacht, ‘en daar rijden er, dankzij Henry Ford, meer van in de VS, ook hele rare’.
Gelukkig blijken er nog genoeg voetbalfans over die, na alle hordes te hebben genomen hun nationale elftal aanmoedigen. Wellicht een beetje beduusd maar ongetwijfeld opgelucht. Welgemeend advies aan mijn landgenoten: doe dat zonder juichjack. Zo’n oranje outfit lijkt me, hoe olijk ook, een alibi voor de US-grensbeveiligers om de dragers ervan alsnog in de kraag te vatten en, wegens onaangepast gedrag, persona non grata te verklaren.
Alhoewel, nu ik er nog ’s goed over nadenk, de president van Amerika is ook oranje. Maar is dat republikeins of koninklijk oranje? Uitkijken dus! Een kleur is meer dan een mascotte. Met symbolen blijft het altijd oppassen. Voorkom dat ‘wij houden van oranje’, wordt uitgelegd als flauwe grap of zelfs jokkernij om zo de King in het Witte Huis in zijn hempie te zetten. Luistert nauw. Probeer dan tijdens een kruisverhoor maar eens coherent het oranjegevoel onder woorden te brengen. Kansloos. Zit je in je juichkledij tijdens de finale Frankrijk – Nederland thuis te kniezen voor de buis. Geen bal aan.
Wat altijd weer leuk is aan een groot voetbaltoernooi is de bal. ‘Trionda’ heet ie dit keer. Iets met drie erin vanwege de organiserende landen: Canada, Mexico, VS. Anders dan bij voorgaande wereldkampioenschappen toen de bal nog wel ’s wilde zwabberen, treiterturbulentie toonde of ten prooi viel aan foute thermiek, wordt de ‘wave’ van deze ‘vlaggekleurde golvende’ bal geprezen om zijn stabiele vluchtgedrag.
Hoe mooi ook van buiten, zeker zo fraai is wat er binnenin gebeurt. Een sensor stuurt, met 500 Hz-technologie, tijdens de wedstrijd realtime de capriolen van de bal door naar de Video Assistent van de Scheidsrechter. Eerder dan het oog van de ‘scheids’ kan waarnemen, weet de VAR al of het buitenspel is of rood. De voorbeelden van ‘bal net over de lijn of net niet’, hebben we ondertussen gezien.
Het jammere aan al die intelligente slimmigheid is dat die de expressie van patriottistische spontaniteit niet ten goede komt. Vooral bij omstreden beslissingen een uitlaatklep voor opgekropte gemoederen. De scheidsrechten voortaan uitschelden voor: ‘hi, ha, honden-var’ mist toch het bijtende van de oorspronkelijke leuze.
Maar ook voor de, doorgaans rationele, logistieke specialisten onder het Oranjelegioen voor wie het vertoonde spel op de grasmat een ludieke metafoor is voor de werkelijkheid van het managen van bevoorradingsketens, gaat er iets wezenlijks verloren. De opverende vreugde van een spectaculaire stuiterbal, uitmondend in een superbe uitrol van reeksen meesterlijke schakels, onovertroffen rolletjes en andere geniale ketenverkortingen tot aan een perfecte aflevering tussen de palen, wordt door een overdaad aan technologie te neergedrukt door het onomstotelijke lijnenspel van de VAR. Na afloop van de wedstrijd ook verkrijgbaar als ongeïnspireerd MS Excel-sheet. Nou, dan vergaat het joelen de ketenprofessional al gauw!
Dat het bolvormige voorwerp waarom het allemaal te doen is, niet meer uit 12 stukken leer met een veter, maar uit vier panelen bestaat, vervaardigd van maïsvezel, suikerriet en cellulose, heeft ongewild iets snoeperigs. Gretig wordt verkondigd dat die ingrediënten de bal duurzaam maken. Het intensieve heen en weer gereis tussen de 48 deelnemende landen, de bezoeken aan 16 stadions tijdens 104 wedstrijden tussen 3 voetballanden en vele steden in aanmerking nemend, zal deze circulaire bal befaamd worden als de enige claim op duurzaamheid.
Vrees dat wij ons die controverse nog meer moeten aantrekken dan de andere deelnemende landen omdat wij, door de deelname van Curacao, als autonoom onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden, dubbel zoveel CO2 zullen uitstoten. Daartegenover staat evenwel dat wij met die Caribische troef niet 1 maar 2 kansen hebben om wereldkampioen te worden. Hoe leuk is dat!
Er is gemopperd over het groot aantal deelnemers aan dit WK. Voetbalmoeheid zou er door op de loer zou liggen. Maar het feit dat bijna alle voetballende landen meedoen, betekent ook dat massa’s mensen zich weken lang vol energie zullen storten op de voorrondes alsof het stuk voor stuk halve finales zijn. Nadelig effect van zoveel cumulerende vreugde en verdriet zou kunnen zijn dat zo de échte finale eigenlijk alleen nog interessant zal worden gevonden door de twee finalisten.
Wat de spanning er misschien nog het meest in zal houden is of de President van de Verenigde Staten de FIFA-wereldbeker – zoals Infantino zegt – inderdaad echt zal uitreiken aan de winnaar of dat hij in New Jersey de verleiding niet zal kunnen weerstaan om die trofee – van let wel 18 karaatsgoud – zelf te houden. Met als nieuwe naam ‘Trumps’ Cup’ natuurlijk.
Casper Jansen