Een Keltisch narratief

Het einde van de film greep menigeen naar de keel. Zelfs bij sommigen nog na tien keer kijken, werkten de traanklieren, geholpen door een gevoelige vocalise en dat Keltische soundje. Want ja, de Titanic was van Ierse makelij. Zelfs het ‘dichtbij en ver weg’ in de latere vaak verfoeide versie van Céline Dion kon dat niet temperen. Noch de discussie of Jack wel of niet op dat vlot had gepast. Rare discussie.

Het script van de film past gewoon bij de werkelijke gebeurtenissen. Immers, de romp van het onzinkbaar geachte luxe passagiersschip bleek niet opgewassen tegen een ijsberg. De aanvaring gebeurt tegen middernacht. Tien over half twaalf om precies te zijn. Nog geen drie uur later breekt het schip in tweeën. Nog eens twee minuten is het schip verdwenen in het ijskoude water. Van de 2201 opvarenden, passagiers en bemanning, verliezen 1490 het leven. Zoals bij alle rampen brengen sommigen er op het nippertje het leven van af en sommigen net niet. Roos wel, Jack niet.

De scheepswerf in Belfast, waar de Titanic werd gebouwd, kwam de klap van 1912 te boven. De scheepswerf in de Noord-Ierse hoofdstad ging pas drie jaar geleden failliet. Er was toen al in geen twintig jaar een champagnefles tegen een boeg geknald. Maar zoals het rampschip, via de cinematografie, een comeback maakte, zo is nu ook de scheepsbouw weer teruggekeerd. Binnenkort wordt gestart met de bouw van drie ondersteuningsschepen voor de Britse marine. En de ambities reiken verder. Op termijn moeten er nog andere schepen te water worden gelaten terwijl ook offshore producten waaronder windparken en gaspijpleidingen graag in portfolio zullen worden genomen.

Zoals zo vaak met ambities, klinken die makkelijker dan gedaan. In Nederland kunnen we geen onderzeeboten meer bouwen en bij de Ieren is er ook veel scheepsbouwexpertise verloren gegaan. De ondernemer die de werf weer vlot wil trekken, rekent op een Spaanse scheepsbouwer. De Britse defensieminster verklaarde verdoezelend dat hij de Spanjaarden heeft gevraagd om een handje te helpen bij het ontketenen van een revolutie in de Britse maritieme werkelijkheid. Die uitspraak mag dan getuigen van werkelijkheidszin maar tevens van weinig historisch besef.

Was het niet de Spaanse Armada die in 1588, met 137 schepen, naar Engeland koerste om er weer een katholiek rijk van te maken. De invasie mislukte door hoogmoed en omdat er gewoon iets over het hoofd was gezien. Bij de Titanic een scherpe ijsberg. Bij de Armada wind uit de verkeerde richting. Maar goed. Tijd heelt alle wonden. Vooral politieke. Spanje draalde eerst een beetje maar zit tegenwoordig bij de NAVO. En voor wie weinig weet van kerkelijke pracht en praal ziet de kroning van Charles III er straks eigenlijk best wel katholiek uit.

Is de scheepsbouwimpuls op de economie van Noord-Ierland significant? Misschien zelfs een verhulde verleidingdaad. Wij, van SCEX, houden natuurlijk ook van romantische films en historische glorieverhalen. Maar nog meer van lekker lopende ketens. En laten we eerlijk zijn, de oplossing voor de inbedding van Noord-Ierland in het EU-grensoverschrijdende stelsel is er nog niet. ‘We zijn er bijna maar nog niet helemaal’ klinkt het al optimistisch. Waarbij overigens vaag blijft: waar we precies heen gaan en hoe ver eigenlijk ‘nog niet helemaal‘ is. Ik heb die rozenbrilkijkers, in verband met de herleving van de scheepswerf op het Ierse eiland, een beroemde Shakespearekenner horen citeren: ‘Het grootste genoegen dat ik ken is in het geheim een goede daad verrichten en dan bij toeval door de mand te vallen’. Zij doelden natuurlijk op een hereniging van de Republiek Ierland met Noord-Ierland, dat ontegenzeggelijk het grensverkeer met de Europese Unie zeer ten goede zou komen.

De vraag is evenwel of de Keltische Tijger, zoals de Ierse economie, met z’n multinationals en lage bedrijfsbelasting, de laatste tijd wordt genoemd, er wel zo’n Noord-Ierse welp bij zou willen hebben. Buiten kijf staat dat, om tal van redenen, het noorden stukken minder productief is. Een beetje zoals het vroegere Oost–Duitsland. Wat betekent dat de Ieren flink in de buidel zullen moeten tasten om dit ‘achtergebleven gebiedje’ erbij te trekken.

Er zal dus nog wel een pint of wat Guinness gedronken moeten worden voordat het zover is. Tot die tijd zullen wij, van de supply chain, met veel plezier die donkere rakkers naar de Ierse pubs op het continent brengen. Probleemloos, want Ierland zit in de EU. Maar a–politiek als we zijn, blijven we ook, zo goed en kwaad als het gaat, de Britse ‘interne’ markt bedienen. Gewoon omdat Supply Chain Managers altijd in elke moeilijkheid een mogelijk zien en voor alle uitdagingen welke weer een nieuwe slimme ketenoplossing verzinnen. Titanisch of niet. Kwestie van het juiste narratief voor ogen houden.

Casper Jansen

Gerelateerde blogs

Bekijk alle blogs